Gedenkplaat bij de Koninklijke Stallen Paleis Het Loo

 

                                                                      foto Jan van den Heuvel 

 

Locatie: kopse muur van de oostvleugel van de Koninklijke Stallen Paleis Het Loo  Monument nr: 07

Opdrachtgever: van Mazijk Uitgevers B.V. Leiden  Onthuld: op 23 april 1990 door Z.K.H. Prins Bernhard  

Uitvoering: een koperen plaat met de volgende tekst:

“4 NOVEMBER 1944 KREEG HET 181STE ROYAL AIR FORCE SQUADRON

opdracht het noordelijke paviljoen van de Koninklijke Stallen van Paleis Het Loo,

toen bezet door SS troepen, te vernietigen.

Twaalf Typhoons vernietigden met hun raketten het gehele paviljoen,

dat niet meer werd opgebouwd.

De Nederlander R.J.E.M. van Zinnicq Bergmann, een van de twaalf piloten,

heeft de aanval beschreven in zijn boek HET DOEL BEREIKT.

Het eerste exemplaar van dit boek werd op 23 april 1990 op deze plek

waar het paviljoen heeft gestaan

aangeboden aan Z.K.H. PRINS BERNHARD DER NEDERLANDEN".

aangeboden door de uitgever van HET DOEL BEREIKT, Van Mazijk Uitgevers B.V. – Leiden

 

Het verhaal achter het monument                          Het verhaal achter het monument                    Het verhaal achter het monument

Bezoekers aan Paleis Het Loo lopen op weg naar het paleis langs de Koninklijke Stallen. Aan dit symmetrische gebouwencomplex ontbreekt iets: het paviljoen aan de noordzijde. Hoe is dit paviljoen verdwenen? Een herdenkingsplaat op de muur  waar vroeger het paviljoen stond geeft een kort antwoord.  Het verhaal is als volgt.  

In de oorlog was Het Loo in gebruik bij de Duitsers als hospitaal en in het noordelijke paviljoen van de stallen was in 1944 een hoofdkwartier van de Waffen SS gevestigd (SS betekent Schutz Staffel; de Waffen SS was een militaire elite-eenheid).  

De Engelsen wisten van de aanwezigheid van dat hoofdkwartier en zij besloten het uit te schakelen. Op zaterdag 4 november 1944 stegen in Eindhoven 12 Typhoon jagerbommenwerpers van het 181 Squadron van de RAF om er een luchtaanval  op uit te voeren .  De Engelsen wisten dat er Nederlandse families in het zuidelijke paviljoen woonden. Die wilden ze natuurlijk niet treffen. Daarom moest het heel nauwkeurig gebeuren. De Typhoons vuurden hun raketten af en vernietigden het doel. Een aantal Hollandse SS'ers werd daarbij gedood.

Om de aandacht van de Duitse luchtafweer af te leiden, voerde het 247 Squadron  tegelijkertijd aanvallen uit op andere doelen in Apeldoorn.  

De Nederlander Rob van Zinnicq Bergmann, die bij 181 Squadron vloog, schrijft in zijn boek Het doel bereikt dat de aanval een groot succes was. Het gebouw werd inderdaad volledig vernietigd. Maar 's maandags na de aanval vorderden de Duitsers een paar woningen in de Rostocklaan, tegenover de Keizerskroon. In één van die huizen werd de verbindingsapparatuur uit het getroffen paviljoen opgesteld. Uit verslagen uit die tijd blijkt dat er niet veel schade aan de overige delen van de stallen was. Maar op de Loseweg werden huizen geraakt en werden zeker drie onschuldige mensen gedood. Eén Typhoon van 247 Squadron, met David Wallace als piloot, werd neergeschoten en kwam dicht bij de stallen terecht. Wallace kwam daarbij om het leven.

Van Zinnicq Bergmann stelt in zijn boek dat 247 een afleidingsaanval deed op een spoorwegstation en op de Duitse luchtafweer. Maar de commandant van 247 Squadron schreef in zijn verslag dat hij met zijn Typhoons een aanval uitvoerde op een hoofdkwartier aan de Loolaan (de villa met de bunker, nu het kantoor van Hunink & Holtrigter). Dat kan de oorzaak zijn van de schade en de slachtoffers op de Loseweg.

Misschien is er een verklaring voor de verschillende omschrijving van de doelen: op de plaats waar nu het gebouw van de Koninklijke Marechaussee aan de Loseweg staat, was in 1944 station Het Loo. Op die 4e november stond er bij dat station een munitietrein en het geheel van paleis, hoofdkwartier en station was belangrijk genoeg om door luchtafweer te worden beveiligd.  

Rob van Zinnicq Bergmann was eigenlijk cavalerieofficier.  Hij vocht in de meidagen van 1940 tegen de Duitsers, raakte gewond en kwam met een gebroken been in een hospitaal terecht. Toen hij weer beter was probeerde hij uit Nederland te ontsnappen; dat mislukte door verraad en hij moest onderduiken. Een Brabantse plattelandsdokter hielp hem uit handen van de Duitsers te blijven, bezorgde hem een identiteitskaart met een nieuwe naam en zorgde ervoor dat hij aan boord van een sleepboot naar België kon ontkomen.
Na omzwervingen in Frankrijk en Spanje belandde hij in Portugal; vandaar reisde hij naar Engeland. Als piloot van de Royal Air Force vloog Rob van Zinnicq Bergmann in de oorlog met vliegtuigen als Spitfire, Hurricane en Typhoon. De Britten noemden hem 'Bergy'. Koningin Wilhelmina benoemde hem in 1945 tot haar adjudant en twee jaar later werd van Zinnicq Bergmann hofmaarschalk. Dat is hij gebleven tot Beatrix koningin werd.

"Bergy" van Zinnicq Bergmann stierf op 14 juni 2004.
 

           

                                  181 Squadron                                                    Typhoon


De markering op deze Typhoon is die van 181 Squadron; het vliegtuig van Zinnicq Bergman droeg de letters EL - L